Ook dit jaar hebben alle studenten uit de master Criminologie voor het vak ‘Stedelijkheid, cultuur en criminaliteit’ een blog geschreven geïnspireerd door één van de centrale thema’s van het vak. Drie studentenblogs worden op de Rotterdam Criminology Blog gepubliceerd. Hierbij de eerste bijdrage in deze reeks van Jim Duijndam.

Op een willekeurige zaterdagmiddag in december loop ik door de binnenstad van Den Haag. Ingepakt met sjaal en dikke jas trotseer ik de kou. Op weg richting het Spui valt Amare in wording niet te missen: naast het ‘IJspaleis’ doemt een pontificale – naar mijn mening weinig smaakvolle – futuristische constructie op. Hier wordt de Hagenaar binnenkort getrakteerd op ‘hoogcultuur’. Over een klein jaar is het eindelijk zo ver. Binnen een traject van 11 jaar sneuvelde een bouwontwerp, werd er flink gerollebold in de gemeenteraad en capituleerde een louche wethouder op het dossier. ‘Cultuurpaleis’ Amare in Den Haag gaat dienen als ‘Huis voor cultuur, educatie, events en ontmoeting’ [i] en opent op 3 september 2021 de deuren voor het publiek. Het contrast kan bijna niet groter als ik in dezelfde straat geconfronteerd wordt met oude, verloederde en verlaten winkelpandjes. Daarenboven maken de vanwege de covidpandemie lege en smoezelige straten het beeld niet minder troosteloos.

Warm bad of ijspaleis?

Wat Richard de Mos en zijn kameraden beschrijven als een elitair, megalomaan gedrocht wordt door partijen als D66 geprofileerd als de nieuwe parel van Den Haag die de ontwikkeling van onderwijs en cultuur een grote dienst bewijst. Is het 211 miljoen kostende gevaarte een nieuwe culturele attractie die Den Haag internationaal op de kaart zet, of is het vooral het resultaat van een prestigestrijd tussen ambitieuze beleidsbepalers? Tijdens mijn wandeling vraag ik me af welke zijde van de medaille gezien wordt door een hippe toerist of een globetrottende expat. Schiet het stadsbestuur zijn doel voorbij in zijn drang van Den Haag een hippe, internationale stad te maken?

Steden als Den Haag worden vaak beschreven als kil en somber. [ii] Dit kan ik na mijn wandeling door de minder fraaie delen van het centrum in de vrieskou moeilijk ontkennen. Mensen functioneren als anonieme radertjes in een productieproces. De minder cynische notie van de hofstad is dat het ook een baken van amusement en sociale interactie is, waar mensen zich in hun vrije tijd begeven. Een ‘warme stad’. Het gemeentebestuur realiseerde dit ook en vond dat cultureel Den Haag een nieuwe hotspot verdiende in de vorm van Amare. Dat de dr. Anton Philipszaal volgens veel Hagenaren nog prima voldeed was hierin kennelijk geen afweging. Het creëren van een ‘warme stad’ is een mooi streven maar voor de gewone Hagenaar is een nieuw buurthuis of een gerenoveerde woning een stuk belangrijker. Jan uit Laak of Fatima uit Transvaal spenderen hun zuurverdiende centen doorgaans niet aan een klassieke balletvoorstelling.

De hippe stad

Door de poeha tijdens de ontwikkeling van Amare lijkt iedereen het ding nu al beu te zijn. Behalve de projectontwikkelaars. Die zijn dolenthousiast en dat valt ergens wel te begrijpen. De economie drijft op creatieve krachten. Volgens de overlevering zijn multinationals dol op creatieve zielen en zodoende is het taak om deze mensen te bedienen. Hoe legt Den Haag beslag op de bakfietsmoeders en mannen met gestylde baarden? Juist. Door Den Haag te profileren als hippe stad. De laatste jaren heeft het stadsbestuur Den Haag zo innovatief en progressief mogelijk willen verkopen. Den Haag is tegenwoordig ‘het centrum van het studentenleven’, ‘de stad van de vrede’ en met de bouw van Amare wilde ze ook het predicaat ‘Culturele hoofdstad van 2018’ in de wacht slepen. Deze eer ging uiteindelijk naar het knusse Leeuwarden.

Ik hoor u denken. Wat betekent dit streven voor de hoveniers en de vuilnismannen van Den Haag? Idealistisch gezien verdient elke Hagenaar een stem in de ontwikkeling van de stad. En ja, mensen kunnen stemmen op de gemeenteraad en deelnemen aan een wijkraad. Jammer genoeg eindigt de dialoog die hieruit voortkomt vaker dan zelden in een Babylonische spraakverwarring waar geen plaats is voor het werkelijke sentiment van de burger. Aan het einde van de rit vormen handige lobbyers, ondernemers en politici een ‘old boys network’ waar de meeste knopen worden doorgehakt. En natuurlijk kiezen zij voor die hippe stad en de concurrentie met andere steden, met grote projecten en contacten bij relaties van multinationals. Dat deze mechaniek chagrijn oplevert bij de ‘gewone’ Hagenaar is niet meer dan begrijpelijk.

Het hart van Den Haag

In principe is de missie om Den Haag op de internationale kaart te zetten niet kwaadaardig. In tegendeel. Alle Hagenaren profiteren van meer economische reuring in de stad, toch? Echter, bij projecten zoals Amare moeten beleidsbepalers niet de ogen sluiten voor de échte problemen in de stad. Uit cijfers van het CBS blijkt dat de armoede in Den Haag nog steeds een groot probleem is. Zo was in 2017 9,2% van de laagopgeleide beroepsbevolking werkloos. [iii] Een groeiende groep mensen heeft niet of nauwelijks perspectief op een stabiel inkomen. Niet alleen de Schilderswijk maar ook wijken als Laak en Transvaal zie ik in rap tempo verloederen. De concentratie van veel kansarme Hagenaars in verpauperde wijken is koren op de molen voor de groei van criminaliteit en onveiligheidsgevoelens. Deze observatie is een verschil van dag en nacht met de ambitieuze bouw van megaprojecten zoals Amare.

Ja, Den Haag is gebaat bij culturele ontwikkeling en innovatie. Ja, culturele hotspots hebben ongetwijfeld een aanzuigende werking op creatievelingen en toeristen. Maar dit kan en mág niet ten koste gaan van de welvaart en het welzijn van de minderbedeelden in de stad. Van overheidswege cultuur stimuleren is heel nobel en tot op zekere hoogte ook noodzakelijk. Maar cultuur ontstaat ook spontaan, door gedrag van mensen zelf. Met de bouw van Amare lijkt het stadsbestuur een prestigestrijd te zijn aangegaan om Den Haag internationaal op de kaart te zetten en om een select groepje mensen te bedienen. Maar wat nou als veel Hagenaren – waaronder ook hoogopgeleiden – niets hebben met de ‘hoogcultuur’ van het cultuurpaleis? Uiteindelijk ligt het hart van Den Haag bij de Hagenaren en niet bij multinationals, expats of toeristen. Het moge duidelijk zijn. Geen synchroon dansvoorstelling voor mij; geef mij maar een ‘bakkie pleur’ in het koffiehuis.


[i] zie homepage van Amare: https://www.amare.nl/nl/

[ii] Wirth, L. (2013). Urbanism as a Way of Life. In: Lin, J. & Mele, C. (Eds). The Urban Sociology Reader (pp. 32-41). London: Routledge.

[iii] CBS. (2017, 20 juli). Werkloosheid daalt sterker onder laagopgeleiden. Geraadpleegd op 11 december 2020, van https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2017/29/werkloosheid-daalt-sterker-onder-laagopgeleiden

Ook dit jaar hebben alle studenten uit de master Criminologie voor het vak ‘Stedelijkheid, cultuur en criminaliteit’ een blog geschreven geïnspireerd door één van de centrale thema’s van het vak. Drie studentenblogs worden op de Rotterdam Criminology Blog gepubliceerd. Hierbij de eerste bijdrage in deze reeks van Jim Duijndam.
Tomorrow begins the European qualifying campaign for the 2022 FIFA World Cup in Qatar. At the same time, a report recently published in The Guardian revealed that thousands of migrant workers have died in Qatar over the course of preparations for the tournament. In this blog post, Ruben Timmerman discusses this report in light of the wider context of corruption within the sport, and reflects on the nature and trajectory of professional world football going forward.
In gedenken aan Lodewijk Brunt (1942-2020) schrift Richard Staring over zijn persoonlijke herinneringen aan hem.