by Fiore Geelhoed

Ping. Daar was precies twee weken geleden in een groepschat met een aantal van mijn beste vriendinnen het zoveelste kritische bericht over de coronamaatregelen. Dit keer in de vorm van een link naar een artikel dat de vrijheidsbeperkingen rondom Covid-19 vergeleek met de aanloop tot de Tweede Wereldoorlog. Niet lang daarna volgde een reactie van een andere vriendin die de vergelijking ‘walgelijk’ noemde. Zie hier in het klein de polarisatie die zich momenteel in onze samenleving voltrekt, dacht ik. Waar we aanvankelijk het gevoel hadden dat Covid-19 ons verbroederde ondanks de fysieke afstand, lijkt de mentale afstand tussen groepen in de samenleving het laatste jaar vooral toe te nemen. De meest recente uitingsvormen daarvan betreffen de 5 mei-poster van het Forum voor Democratie, Lijst 30 en enkele andere groeperingen zoals Viruswaarheid en de afkeurende reacties die daar vanuit de maatschappij op kwamen. Mijn stelling is dat er ondanks polarisatie tussen groepen ook interessante parallellen zichtbaar worden. Parallellen die de huidige discussie minder ‘uniek’ maken dan de betrokkenen lijken te geloven. Dit inzicht biedt mogelijk wat van de vereiste nuance voor meer verbinding. Enerzijds met een wellicht wat onverwachte groep: moslims. Anderzijds ook verbinding binnen de samenleving als geheel.

Dat er sprake is van polarisatie is iets waar de partijen het aan weerszijden van de coronamaatregelen-discussie over eens zijn. Zo veronderstelt de NCTV aan de zijde van de overheid bijvoorbeeld in haar dreigingsbeeld van 14 april jongstleden dat er polarisatie rondom de coronamaatregelen is. Die polarisatie zou mogelijk, voor een radicale onderstroom, tot extremisme kunnen leiden. Daartegenover wordt via alternatieve mediakanalen van de critici – met name in diverse telegramkanalen – gesproken over toenemende spanningen die men waarneemt tussen de eigen groep van ‘wakkeren’ en degenen die nog niet wakker zijn. Ten aanzien van wat iemand ‘wakker’ maakt, delen de critici de overtuiging dat de coronamaatregelen een ernstige bedreiging vormen voor onze vrijheid. Een punt waarop de critici onderling van perspectief verschillen, betreft de agenda achter de vrijheidsbeperkingen. Niet iedereen lijkt het beeld van die agenda te delen of op dezelfde wijze in te vullen. Hier komt het label ‘complotdenken’ om de hoek kijken. Zo worden er verbanden gelegd met de door het World Economic Forum gepropageerde ‘Great Reset’.[1] Daarnaast zouden heersende en kwaadwillende elites COVID-19 mogelijk zelf de wereld in hebben geholpen om een volgende stap naar totale wereldoverheersing te kunnen zetten. Deze elites zouden voorts nationale overheden en de mainstream media in hun macht hebben.

En toch is er ruimte voor verbinding. Daarvoor gaan we even terug naar de eerdergenoemde vergelijking met de onderdrukking in (de aanloop tot) de Tweede Wereldoorlog. Via de link van mijn vriendin las ik standpunten die ik al vaker via alternatieve media voorbij heb zien komen. In dit geval beschreef de auteur de coronamaatregelen als gijzeling door de overheid, vanwege de inbreuk die de vrijheidsbeperkende maatregelen maken op diverse grondrechten. Verder zou het een beleid zonder eindpunt betreffen, zou men als criticus verbaal geweld beleven of belachelijk gemaakt worden om de van de mainstream afwijkende standpunten en zouden andersdenkenden als zondebok fungeren. Vanuit dit perspectief zou een bereidheid tot discussie over de maatregelen noodzakelijk zijn en een vergelijking met de situatie voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog, zoals middels de 5 mei poster, terecht zijn.

De 5 mei poster. Bron: properganda.nl

In alle ophef over deze vergelijking, viel het mij vooral op dat ik deze al vaker had gehoord. En wel bij monde van een groep en voor een context die mentaal ver afstaat van een deel van de partijen die de 5 mei poster de wereld in hebben geholpen, namelijk bij monde van moslims. Tijdens mijn onderzoek naar radicalisering en extremisme onder moslims, werd ik deelgenoot gemaakt van ervaringen van bedreigd, bespuugd of zelfs aangevallen te worden op straat vanwege het dragen van islamitische kleding, de beleving van een breed gedragen anti-islamretoriek en stigmatisering, de invoering van een verbod op gezichtsbedekkende kleding (die toch wel opvallend contrasteert met de huidige mondkapjesplicht), voorstellen voor een ‘kopvoddentax’ en criminalisering van de uiting van extremistische gedachten (Geelhoed, 2014; Geelhoed & Staring, 2015; Geelhoed, Staring & Schuurman, 2019). Tijdens het veldwerk en in informele gesprekken maakten enkele respondenten eveneens een vergelijking met de aanloop tot de Tweede Wereldoorlog. En ook zij waren kritisch naar de overheid en media omdat ze via alternatieve mediakanalen toegang kregen tot andere beelden dan die via de reguliere, Nederlandse media hun weg vonden. Een typerend voorbeeld daarvan betreft de beelden van martelingen in Assad’s gevangenissen, beelden die een rol hebben gespeeld bij het vertrek van diverse Syriëgangers.

Wellicht dat de critici de vergelijking tussen henzelf en moslims even ongepast vinden als velen de vergelijking met de Tweede Wereldoorlog vonden. Toch zou het mooi zijn als de critici inzien dat de beleving van een beperking van grondrechten, stigmatisering en ridiculisering niet enkel voor henzelf geldt, maar dat hen veel korter geleden dan 1940-1945 een groep in onze eigen samenleving is voorgegaan met een vergelijkbare beleving. Voor degenen die zich niet in de kritiek op het coronabeleid kunnen vinden en weerstand voelen tegen appjes van vrienden of kennissen hierover: blijf alsjeblieft in gesprek. Ook al ben je het fundamenteel met hun zienswijze oneens, mijn vergelijking laat zien dat ‘wakker worden’ maar net afhangt van door welke vrijheidsbeperkingen jij je aangesproken voelt. Het in elk geval open staan voor de frustraties die mensen ervaren, kritische geluiden erkennen en daarbij onderzoeken waar we het nog wel met elkaar over eens kunnen zijn, kan ons helpen om na de crisis uit het coronadal te klimmen. En wie weet, als de maatregelen dan echt voorbij zijn en we hopelijk weer allemaal van onze herwonnen vrijheden kunnen genieten, leidt dit wellicht tot meer onderling begrip en zorgvuldigheid als we vrijheden van bepaalde groepen in de samenleving overwegen in te perken. Wellicht geven we zelfs verloren vrijheden terug.


[1] Deze ‘Great Reset’ is uitgedacht door WEF-directeur Klaus Schwab en is in juni 2020 geïntroduceerd op een bijeenkomst van het WEF en in een boek onder de gelijknamige titel. De gedachte achter deze Great Reset is dat het huidige economische bestel niet meer houdbaar is en dat de pandemie een uitgelezen kans biedt om tot een herstructurering te komen waarbij de macht van natiestaten wordt ingeperkt ten behoeve van een grotere macht van partijen op wereldschaal, inclusief machtige bedrijven (WEF, 2020). Zie ook deze kritische kanttekeningen bij dit plan.

In deze blog wordt beschreven waarom kwalitatief onderzoek nodig is naar de ervaring van slachtoffers van ex-partnergeweld van leven met de continue dreiging van toekomstig contact met de ex-partner en hoe strafrechtelijke verboden kunnen bijdragen aan het verbeteren van veiligheidsgevoelens en kwaliteit van leven in bredere zin.
Kritische berichten over de coronamaatregelen in groepschats of via andere media zijn geen zeldenheid. Met het gevolg van polarisatie in onze samenleving. In deze bijdrage laat Fiore Geelhoed zien hoe er ondanks polarisatie tussen groepen ook interessante parallellen zichtbaar worden. Parallellen die de huidige discussie minder ‘uniek’ maken dan de betrokkenen lijken te geloven.
In deze derde studentenblog van Jip van Gurp in het kader van het vak ‘Stedelijkheid, cultuur en criminaliteit’ wordt een kritische blik geworpen op Rotterdam als gentrificerende stad en haar invloed op stedelijke transformatieprocessen in relatie tot ruimtelijke concentraties van armoede en uitsluiting en het verlies van identiteit van oorspronkelijke bewoners.